Ze noemen zichzelf Gamers en zijn vaak te vinden in speciale spellenwinkels, waar met kaarten of miniatuurtjes epische veldslagen in het rijk van de ‘fantasy’ in scène worden gezet. Ook in de huiskamer en in de bossen leven ze zich uit. ‘Prepare to die!’ Maar gelukkig nemen ze zichzelf niet al te serieus.

De drie Klingons, fiere strijders van een trots ras, staan op een witte loopbrug in een groot, ondergronds gewelf. Onder hen gaapt een afgrond. Een lid van hun onderzoeksteam is net ontvoerd door twee mensachtige robots en ze staan op het punt de achtervolging in te zetten, maar dan klinkt een dwingende stem. 'Volg me, deze kant op, of ik schiet!' Geschrokken draaien de Klingons zich om. Ze zien een man staan die een phaser op ze gericht houdt. Chubathel, een sterke, grote vrouw, springt op hem af maar wordt in haar borst geraakt, Yoshad aarzelt geen moment maar verdampt de man met een welgemikt schot. De zwaargewonde Chubatel wordt snel naar een cryostasis-tank gebracht, waar ze, ingevroren, voorlopig zal kunnen overleven, tot de volgende sessie. Want, hoewel er nog veel te doen en te ontdekken valt, houden de dappere krijgers het voor gezien. Het is al laat. Voldaan leunen ze achterover in hun stoelen. De nodige flessen wijn zijn gesneuveld, vele sigaretten in rook opgegaan, maar het was het waard.

De locatie: een doodnormale, wat benauwde zitkamer in Bos en Lommer, Amsterdam. Een jong katje tikt met enig enthousiasme een dobbelsteen over de grond. Iedere zondag voert hier een groep van zo'n vier mensen een soort improvisatietoneel op, niet voor een publiek, maar voor en met elkaar. Een role-playing game. Dit soort spel is ontstaan uit de wargames, waarbij eerst echte veldslagen met miniatuurtjes werden nagespeeld, maar later ook verzonnen oorlogen met fantasielegers bestaande uit vreemde wezens. De spelers gingen zich steeds meer richten op de aanvoerders, de helden, tot die uiteindelijk een eigen leven gingen leiden. De spelers creëerden rollen, personages, voor zichzelf in een verhaal dat werd verzonnen en gestuurd door een Game Master (GM).

Bij deze groep is de GM Derrick Puckett (24), eigenaar van de spellenwinkel Sir Ludemus House of Games. De plot van vandaag speelt zich af in de wereld van de populaire tv-serie Star Trek en maakt deel uit van een campaign die al twee jaar duurt. Bij zo'n campaign spelen de personages steeds in dezelfde wereld, met een doorlopend verhaal waarin ze een bepaald doel te vervullen hebben. Sophia Reijerkerk (24) speelt hier een ernstig gewonde Klingon, Sahand Saheb Divani (18) een onstuimige jonge krijger en Trish (36) en Dave Slater (47) zijn twee eigenaardige onderzoekers van een archeologisch onderzoeksteam. Soms vertrekken er wel eens mensen uit de groep of komen er mensen bij, waardoor, net als bij een soapserie, personages erin of eruit geschreven moeten worden. Het Canadese echtpaar Slater, bijvoorbeeld, speelt dit keer eenmalig mee. Omdat hun fictieve tegenhangers aan het eind van de sessie nog niet overleden zijn, zal de GM ze de volgende keer voor zijn rekening moeten nemen, als NPC's (Non Player Characters). De GM speelt alle personages die niet vertegenwoordigt worden door een speler en kan op die manier het verhaal in goede banen proberen te leiden. Dat valt niet mee omdat de spelers niet expliciet te horen krijgen wat er van ze verwacht wordt en ze soms hele andere ideeën hebben. 'Dan heb je een pracht van een missie voorbereid,' zegt Dave, zelf al GM sinds 1972, 'Maar dan besluiten de helden doodleuk je lokkertjes te negeren en met z'n allen een of andere kroeg in te duiken.'

Daarom is het belangrijk goed te kunnen improviseren. Er zijn weliswaar verschillende boeken met algemene regels voor verhalen in bepaalde settings (sciencefiction, fantasy of horror) die een steuntje in de rug kunnen geven, maar uiteindelijk moet de GM bepalen wat in een verhaal wel of niet kan. Iedere GM heeft zo zijn eigen aanpak. 'Sommigen gaan voor het puzzelen, het oplossen van problemen, anderen houden meer van hack and slash, het vechtwerk, en weer anderen richten zich vooral op het acteren, de interactie tussen de personages,' legt Sophia uit.

Vroeger werd er bij role-playing veel gedobbeld, bijvoorbeeld om bij gevechten te kijken hoe erg iemand gewond raakte of hoeveel succes een bepaalde handeling had, maar tegenwoordig wordt de rol van de dobbelstenen steeds kleiner. Een personage zal niet zo maar overlijden vanwege een ongunstige worp, dat gaat in overleg met de GM. 'Je speelt niet tegen, maar met elkaar. Je probeert met z'n allen een goed verhaal te vertellen.' Wat niet wegneemt dat er een zeker spanningsveld bestaat tussen spelers en de almachtige GM's. 'Ik heb van iemand die me niet mocht wel eens zonder enige waarschuwing een mes in mijn rug gekregen. Dood was ik. Niets aan te doen.' Maar ook de GM is niet veilig, maakt Trish duidelijk. 'We wilden een keer een Game Master pesten die we wel erg keurig vonden. Ik heb toen een necrofiel gespeeld die een spreuk had waarmee je de doden dééls tot leven kon brengen en een vriend van me was een kannibaal die continu schold. Daarvandaan ging het bergafwaarts. We wilden eens kijken hoe lang we door konden gaan voordat hij ons liet stoppen.'

Wrijvingen tussen spelers sluipen al snel het verhaal binnen. 'Ik vind jou niet aardig, dus mijn personages vinden de jouwe ook niet aardig,' zegt Trish. 'En dan proberen ze je iedere keer dat ze je tegenkomen te vermoorden.' Maar ook verlangens kunnen hun doorgang vinden tot de spelwereld. 'Stel je voor, ik vind je erg leuk en ik wil met je naar bed, maar dat kan niet want ik heb een monogame relatie. Dan zouden onze personages verbaal seks kunnen hebben en affaires en dat soort dingen.' De andere aanwezigen lachen en Derreck, behalve GM ook Sophie's vriend, gaat overeind zitten. 'Jij bent ENG!' zegt hij tegen haar. 'Ik dacht dat role-playing leuk moest blijven. Ik wil me graag van deze opmerkingen distantiëren.'

Zowel dit stel als Trish en Dave ontmoetten elkaar via role-playing. Het lijkt voor sommigen een manier van leven, maar de aanwezigen zijn het erover eens dat je je niet te veel door het spel mee moet laten slepen. In Amerika doodde twee jaar geleden een groep doorgedraaide spelers van het spel Vampire de ouders van een van hen. Ook zogen ze elkaars bloed en dat van dieren. 'Maar zulke mensen zijn los van het spel ook al verknipt,' zegt Sahand. 'In een groep heb je normaal gesproken veel sociale controle.' Role-playing games waren al eerder als gevaarlijk en satanisch bestempeld, omdat er gerefereerd werd aan hemel en hel, duivels, demonen en pentagrammen. Reden voor sommige bedrijven om al die verwijzingen te verwijderen. Zelf kent de groep geen spelers op het randje. Het spelen blijkt zelfs therapeutisch: 'In Psychology Magazine las ik een recent rapport waarin stond dat role-players over het algemeen erg intelligent en creatief waren,' zegt Trish. 'De beginners waren niet zo sociaal vaardig, maar de gevorderden juist wel. Je leert sociale vaardigheden.' Sophia is het daarmee eens. 'Je kan met je personages facetten van jezelf onderzoeken die je normaal niet ziet.'

Sahand en Sophia doen ook wel eens aan live role-playing. Tijdens speciale conventies trekken spelers een kostuum aan, gaan de bossen in en wórden voor enkele uren of dagen hun personage. Het grootste evenement van de Benelux, The Summoning, wordt georganiseerd door Malatïe Adventures. Karel Ketelaar (31) zit in het bestuur, maar speelt zelf ook. Zijn alter-ego Erekose, aanhanger van de Godheid van het Eeuwig Plezier, stierf afgelopen keer aan een giftige kus, maar kreeg nog wel een post-mortale massage. 'Live role-playing is anders dan de table-top variant. Je wordt meer geconfronteerd met je eigen beperkingen. Als je klein van stuk bent en als Conan the Barbarian aan komt zetten dan moet je dat wel waar kunnen maken. En wat spreuken betreft word je beperkt door wat je uit kunt beelden.' De wapens zijn van latex. 'Eigenlijk is het een stok, met daaromheen een opgerolde kampeermat ingesmeerd met vloeibare latex, je weet wel, waar ze ook condooms van maken. Ze worden uit Engeland geïmporteerd, daar is dit al veel populairder. Ik was er laatst bij The Gathering waar twee legers van 1250 man elkaar bestormden, zoiets als bij Braveheart.' Maar ook hier is het in opkomst. De meeste evenmenten zijn uitverkocht.

Wie een oorlog uit wil vechten, maar niet op zo'n weekend wil wachten, kan altijd terecht bij Sir Ludemus. Het kleine winkeltje van Derreck, met role-playing games, board games en card games werd twee jaar geleden geopend en is eigenlijk al uit zijn voegen gegroeid. Op zich lijkt er genoeg open ruimte, maar die is bestemd voor de koper, niet voor de koopwaar. In het midden van winkel staat een grote tafel waarop iedere zondagmiddag een maquette wordt ingericht. Op een rotsachtige ondergrond worden torens en obstakels geplaatst en twee legers in stelling gebracht. Vandaag wordt Chronopia gespeeld, een goedkopere variant op de meest wargame, Warhammer. De legers bestaan uit miniatuurtjes, sommigen handgeschilderd door de spelers. Edgar en David (beiden 16) zijn beginners en moeten het met hun leger van elves opnemen tegen de trolls, ogres en goblins van Sasha (34). Hij is al gamer sinds zijn 12e en speelt hier regelmatig, om anderen de spellen te leren. 'Prepare to die,' roept hij aan het begin zijn tegenspelers vrolijk toe. De miniatuurtjes bewegen zich in beurten een met een rolmaat afgemeten aantal inches naar voren, beschutting zoekend achter de obstakels. Dobbelstenen rollen rijkelijk. Na een strijd van zo'n drie uur ligt het leger van elves plat. 'Al onze archers waren vrij snel dood, daarom konden we hem van een afstand niet raken,' analyseert David. 'Toen was het gauw afgelopen.' Sasha haalt zijn schouders op. 'Normaal speel ik om te verliezen, maar daar was dit keer geen beginnen aan.'

Achter in de winkel staan twee tafels waaraan op vrijwel ieder moment wel iemand een spel zit te spelen. Ook de eigenaar van de concurrent, The Gamekeeper, komt er wel eens. 'We zijn zeker niet de enige plek waar je in de winkel kan spelen en er zijn andere spellenwinkels die meer speelruimte hebben,' zegt Derreck. 'Maar toch is het hier drukker.' Rond de 250 mensen hebben een vaste-klanten kaart en zo'n 50 daarvan hangen iedere week uren in de winkel rond. Vooral op dinsdagavond is het druk, dan wordt hier wekelijks een Magic-tournament gehouden gehouden. Magic is een razend populair kaartspel. De tekenaars van de eerste kaarten werden ooit bij gebrek aan geld in aandelen uitbetaald en zijn daardoor inmiddels miljonair. Er is een grote handel in oude en zeldzame kaarten ontstaan. Ernst van Diggelen (26) heeft beschermhoesjes om zijn kaarten, omdat het zonde zou zijn ze te beschadigen. 'Er zijn mensen die helemaal niet spelen, maar alleen in kaarten handelen.' Hij speelt al drie jaar, vooral bij wedstrijden. De spelers zijn twee tovenaars zijn die elkaar met monsters moeten bevechten. Naarmate ze meer lands (grond) hebben en daarmee meer mana (toverkracht) kunnen ze sterkere wezens uitspelen en de ander meer schade toebrengen. Dit gaat gepaard met veel tappen (kantelen), onttappen en geschuif van kaarten, dat voor een niet-ingewijde moeilijk te volgen is. 'Je hebt over het algemeen twee soorten spellen. Bij de ene stel je van tevoren je eigen deck samen, waarbij je een bepaalde strategie kan hanteren, bijvoorbeeld een deck waarmee je de tegenstander erg snel schade toebrengt of een control deck waarbij je controle kan nemen over zijn kaarten. Het tweede soort heet booster-draft. Voor het spel worden een aantal nieuwe pakken kaarten doorgegeven waaruit de spelers ter plekke kaarten moeten trekken om een eigen deck samen te stellen.'

'Het is in Nederland een relatief kleine, maar erg fanatieke groep,' zegt Michael Bruinsma. Hij is de directeur van 999 Games, de importeur van de van het spel. Hij verzekert me overigens dat het getal 999 geen duivelse (666) verwijzing is, maar het serienummer van een favoriete stoomlocomotief. 'Magic is een subliem spel, maar je moet er erg veel tijd in steken om goed te worden, dus je ziet dat ze nauwelijks nog iets anders spelen.' Derreck merkt echter dat de Magic-gekte hem ook nieuwe klanten oplevert. 'Eerst komen ze hier alleen om te kaarten, maar na een paar maanden gaan ze eens verder kijken in de winkel en dan denken ze, hé, de rest zou ook wel eens interessant kunnen zijn.' De meeste echte gamers beperken zich niet tot één spel, maar proberen alles een keer uit. 'Schakers zullen nooit van zichzelf zeggen dat ze gewoon een spelletje spelen, gamers hebben daar geen problemen mee.' Wanneer Derreck me uitgeleide doet zegt hij: 'Volgens mij ben jij gewoon een closet-gamer. Ik heb het idee dat ik je nog wel eens terug zie.' Vlak voordat de deur sluit lijkt het of zijn ogen even demonisch opgloeien.

 

1

©2003 Steven van Lijnden